Zangles voor beginners

Ik zing vals. En droom al jaren dat het niet zo is. Tijd om er wat aan te doen. Zangles gaat vast wonderen doen. Ik zie mezelf al op een groot podium staan.

Volgens Muziekschool.nl kan iedereen leren zingen. Een kwestie van een beetje techniek en veel oefenen. Dochter zingt al sinds ze klein is de sterren van de hemel. Als ze een jaar of 15 is, neemt ze zangles bij een zanglerares die er ook van overtuigd is dat iedereen kan zingen. Als dochter een keer niet kan, besluit ik de stoute schoenen aan te trekken.

De les begint met een stukje proefzingen. De docente neemt plaats achter de vleugel en ik worstel me door ‘Sound of silence’ heen. Daarna is het even stil. Tot mijn verbazing zegt ze dat het best meevalt. Ik zet verkeerd in. Ik hou vervolgens wel één toonhoogte. Jammer genoeg de verkeerde.

Toonladders

Ze is ervan overtuigd dat ze me best wat kan leren. Gebrek aan klandizie heeft ze niet, daar kan het niet aan liggen. Ik besluit dus de stap te wagen. En ga twee keer per maand aan de slag met toonladders en nog meer toonladders.

En dan gaan we aan het werk met ‘echte’ liedjes. Ik leer netjes rechtop te gaan staan, niet te veel lucht te happen, te ontspannen en meer geluid te produceren met minder effort. Ik had nooit verwacht dat ik nog eens The Rose zou zingen. Of Tears in heaven.

Vooruitgang door zangles

Iedere week neem ik de lessen op mijn telefoon op. De docente ziet echt vooruitgang en moedigt me aan om thuis te laten horen wat ik allemaal geleerd heb. Maar de familie bedankt vriendelijk voor de eer. Ik snap het wel. Zelf luister ik ook niet terug.

Popkoor

Uiteindelijk is er één nummer dat ik helemaal zuiver tot een goed einde weet te brengen: Only You van The Flying Pickets. Ik zing het met microfoon van het begin tot het einde en dat blijkt het hoogst haalbare. De lerares geeft nog aan dat ik best in een koor zou kunnen zingen. Daar zou ik best een goede inbreng kunnen hebben. Ik krijg visioenen van een popkoor met vrolijke dames met korte pittige kapsels. Ik geloof niet dat het iets voor me is.

Nieuwe hobby

Ik bedank de lerares en vertrek voor de laatste keer. Dat podium gaat er niet komen. Of toch. Een paar maanden later worden op het werk liefhebbers gevraagd voor het kerstkoor. Ik geef me op en zing op het kerstfeest vol overgave mee met Rudolf the rednosed raindeer. En dan wordt het tijd voor een nieuwe hobby. Iets met dansen ofzo. Of tekenen.

Hiphop voor vijftigplussers

Ik doe al een tijdje niet echt meer wat aan sport omdat ik het gewoon allemaal niet zo leuk vind. Dan zie ik op facebook een filmpje van een kennis die aan hiphop voor vijftigplussers doet. Dat is nou precies iets voor mij. Ik denk zeker dat ik hier aanleg voor heb.

De les is op vrijdagmorgen om 9 uur. Er zijn betere momenten voor een potje hiphop, maar daar laat ik me niet door ontmoedigen. De eerste keer ga ik vol goede moed. De les wordt gegeven in een echte dansschool, dat belooft wat. Een grote zaal met een spiegel en een juf die (nog niet zo lang geleden) hiphoppend geboren is. Er zijn nog drie andere moedige vrouwen. Ik had er wat meer verwacht. Maar dat maakt niet uit. Die komen vast nog.

Mijn benen willen niet

De eerste les doe ik tijdens de warming up best leuk mee. Ik kan de pasjes een beetje volgen, dit is echt iets voor mij! Maar dan begint de choreo. Het is maar een klein stukje, maar wat voor stukje. De kick ball change wil er niet in. Ik wil wel, maar mijn benen willen niet.

Er wordt gefilmd, zodat we thuis nog kunnen oefenen. De hele week ben ik bezig met de kick ball change. Op het toilet op het werk, op de slaapkamer, tijdens het uitlaten van de hond.. Ik ga ‘m kunnen!

Ik hiphop

Een week later snappen mijn benen het ook en ga ik vol goede moed weer naar de les. Die goede moed blijft niet lang. Bij de andere dames ziet het eruit als dansen, bij mij nog lang niet. Maar dat gaat vast komen.

Als ik op mijn werk vertel dat ik op hiphoples zit, kijkt een van de jongere collega’s me vol verbazing aan. Jij? En bedankt. Maar ik kan het echt!

Talent

We beginnen aan een nieuwe choreo, die ik zowaar een beetje ga snappen. Soms lukt het me om dezelfde kant op te gaan als de rest van de groep. Ook ik wil nu graag op de film, want echt, ik begin mijn talent te ontdekken. Ik laat mijn zus vol trots zien wat ik kan. Haar reactie? Ik snap best dat je het leuk vindt. Maar blijf vooral oefenen. En koop een betere sportbeha.

Dan blijkt dat er aan het eind van het jaar een uitvoering is. Alle groepen laten zien wat ze ingestuurd hebben. Die groepen bestaan vooral uit peuters, kleuters en pubers. Natuurlijk wil ik graag het podium op, maar niet zo. Ik ga op zoek naar een nieuwe hobby. Zangles is misschien leuk. Of tekenen.

 

 

 

 

zeven zussen

Zeven zussen: ik wil meer!

Ik beken. Ik heb De zeven zussen verslonden. Alle zeven delen. Gelukkig komt er nog een achtste. Want ik zit nog met een heleboel vragen.

Laat ik het maar meteen bekennen. Ik heb Nederlands gestudeerd, maar dat heeft me er niet van weerhouden om een enorme hoeveelheid Bouquetreeksboekjes te verslinden. Er zijn tijden geweest dat ik ze met tassen vol op rommelmarkten kocht. En als ik ze uit had, was er altijd wel iemand bij wie ik ze kwijt kon. Buurvrouwen die overdag nog zeiden dat ze niet snapten dat ik die troep las, belden ’s avonds aan om te vragen of ik er nog een paar had.

Inmiddels ben ik niet meer zo van de Bouquetreeks. De aantrekkelijke man met de wilskrachtige kin is vaak zo halverwege de dertig en had gemakkelijk mijn zoon kunnen zijn. Dat maakt hem een stuk minder aantrekkelijk.

Zeven zussen

Die zeven zussen zijn een ander verhaal. Die heb ik achter elkaar gelezen. Heerlijk. De verhalen zijn vergezocht en niet echt geloofwaardig, maar dat maakt met niets uit. Ook detectives lees ik graag. Hoe meer, hoe liever. Als er een nieuwe Faye Kellerman, Lynda La Pante of Peter Robinson verschijnt, ben ik gelukkig.

Shakespeare

Soms knaagt dat. Ik zou de klassieken moeten lezen, de hoogtepunten van de wereldliteratuur. Ik heb volgens mij nog nooit iets van Shakespeare gelezen. En zo zijn er nog voorbeelden genoeg van boeken die ik zou moeten lezen. Couperus en Vestdijk heb ik tijdens mijn studie wel gelezen, maar er is nog zoveel meer…

Soms koop ik een klassieker met het vaste voornemen om die ook echt te gaan lezen. Maar meer dan voornemens zijn het nog niet geworden. Ik heb er gewoon geen zin in. Soms begin ik in zo’n klassieker, maar echt ver kom ik niet. Ik koop tijdens een bezoek aan Londen zelfs een dik boek met alle hoogtepunten van de Engelse dichtkunst. Het staat vast nog wel ergens in de kast. Geen idee waar.

In het Engels

Op dit moment lees ik het achtste deel uit de Outlander-serie. Heerlijk. De tijd voor het echte werk komt vast nog wel. Of niet. Ik koop er gewoon af en toe een om mijn geweten te sussen. Ondertussen lees ik mijn pulp. Maar dan wel in het Engels. Dan lijkt het nog wat.

Vechten tegen de chaos

Mijn BMI zit precies op de norm, ik sport vier keer per week en mijn huis ziet eruit alsof de fotograaf van VT Wonen ieder moment binnen kan vallen.

Ik sta iedere ochtend rond 8 uur op, doe mijn oefeningen en neem een koude douche. Daarna verzorg ik mijn huid en is het tijd voor de shake met boerenkool als ontbijt. Vooruit, er mag één kopje koffie bij. Maar dan wel cafeïnevrij.

Strakke stapels

Het is tijd voor de eerste wandeling met de hond. Ik doe mijn horloge met stappenteller om en zorg dat de teller alvast op zo’n vijfduizend stappen komt. Als het een werkdag is, ga ik daarna fluitend achter de pc.

Is het geen werkdag, dan poets ik het huis en zet ik de wasmachine aan. Wat er uit de droger komt, of nog beter van de waslijn, wordt allemaal gestreken en gaat in strakke stapels de kast in. Mijn moeder zou trots  op me zijn.

Vechten tegen de chaos

Yeah right. Als je je hierin herkent, blijf dan vooral weg van mijn website. Je hebt er niets te halen. Als je ook iedere dag vecht tegen de chaos, gezond probeert te leven en aan het einde van de dag toch weer moet concluderen dat je te veel hebt gegeten, te weinig hebt bewogen en de vuile was lijkt te jongen in de mand, kom dan vooral af en toe eens langs.

 

 

 

Collageen

Collageen? Collageen!

Rimpels horen erbij. Dat besef ik ook wel. Maar dat betekent nog niet dat ik ze wil. In een tijdschrift kom ik een advertentie tegen van Oslo Skin Lab. Iedere dag een zakje collageen zou wonderen doen tegen de rimpels en de plooien.

Renate Gerschtanowitz overtuigt me, zeker als ze zegt dat haar moeder er ook baat bij heeft met haar oudere huid. Ik ben waarschijnlijk bijna oud genoeg om de moeder van Renate te zijn, dus vooruit dan maar. Ik blader een paar keer door, toch weer terug en besluit een proefverpakking aan te vragen.

Een paar dagen later is het zover. De verpakking is strak, dat voorspelt veel goeds. De eerste portie kost 28 euro en daar kun je 28 dagen mee vooruit. Maar er staat meteen een waarschuwing bij.  Het duurt even voor het spul gaat werken. De plooien trekken niet meteen strak. Een paar maanden moet je er wel voor uit trekken. En je moet zeker niet halverwege stoppen.

Een beetje jammer is wel dat de tweede portie geen 28 euro kost. Neem je een abonnement, dan kom je rond de 40 euro per maand uit. Is best een bedrag, maar je krijgt er veel voor terug, zo beloven ze.

Lekker strak

De eerste maand roer ik trouw iedere avond een zakje poeder door een glas water en werk ik het naar binnen. Het is niet vies, het smaakt nergens naar. Iedere keer als ik in de spiegel kijk, maak ik mezelf wijs dat het allemaal al lekker strak begint te worden.

De volgende maandportie komt keurig op tijd en alweer in zo’n mooie strakke doos. Ik blijf het braaf gebruiken, maar het doet toch iedere dag een beetje pijn. Wat een bak geld. Maar ja, stoppen is ook zonde. Want het gaat na een paar maanden alleen maar beter worden.

Marktplaats

Ik denk slim te zijn en start een zoektocht op Marktplaats. Daar worden wel wat porties aangeboden, maar wat een gedoe. Het zijn steeds maar een paar zakjes. Dat schiet niet op. Ik voel me net een junk die op zoek is naar poeder.

Ondertussen heb ik echt wel het idee dat het wat doet. Maar of het effect me 40 euro per maand waard is? Een online zoektocht leert dat er goedkopere alternatieven zijn. Lucovitaal heeft de collageen in potten. Een maandportie kost dan rond de 20 euro. En omdat het spul altijd wel ergens in de aanbieding is, koop je voor dat bedrag twee potten en kun je twee maanden vooruit. Een tientje in de maand heb ik wel over voor een strakke huid.

Even slikken

Ik voel mee heel slim als ik met twee potten thuis kom. ’s Avonds wil ik de eerste dosis nemen en dan moet ik wel even slikken. Wat een enorme pillen. Is er wel over nagedacht dat ze in één keer naar binnen moeten? Maar het lukt. Het abonnement bij Oslo Skin Lab zeg ik op. Er belt nog een hele aardige dame die benadrukt dat ik niet te snel moet stoppen. Als ik zeg dat ik een goedkoper alternatief heb, heeft ze daar niet van terug.

Ik gebruik  inmiddels alweer meer dan een jaar collageen. Ik hou vol. Ik denk dat het wel wat doet. Maar ik wil het risico niet lopen dat het allemaal spontaan gaat hangen en zakken als ik ermee stop.

 

Wil je mijn banaan zien

Ik kan tekenen!

Ik blijf me zelf verbazen. Altijd gedacht dat ik niet kon tekenen, maar dat valt mee. Als ik eenmaal de slag en het potlood  te pakken heb, lijkt het zowaar ergens op.

Ik koop een schetsboek, dat eerst nog een paar weken op de stapel ligt. En dan op een avond is het  zo ver. Ik pak mij tekenpotlood en begin met een potje, een beker en nog wat simpel serviesgoed.  Na veel tekenen, veel gummen en nog meer tekenen, staat er iets in het schetsboek waar ik best blij mee ben.

Gummen, vegen en schetsen

En dan ben ik toe aan de volgende stap: het fruit. Ik pak een banaan van de fruitschaal, leg ‘m in de meest gunstige positie en ga aan de slag. Na een minuutje of wat schetsen, gummen, vegen en nog meer schetsen, staat er zowaar iets dat op een banaan lijkt op papier. Ik kan er vervolgens uren naar kijken.

Wil je mijn banaan zien?

Ik ben zo trots dat het ronduit vervelend wordt voor de familie. Man en kinderen moeten eraan geloven.  Echt, ik ben net een klein kind. Wil je kijken, wil je kijken, wil je kijken.. En dan bereik ik de bodem. De vriend van dochter komt de kamer binnen. Ik probeer me in te houden, maar het lukt niet. Ik pak het schetsboek en roep ‘Wjl je mijn banaan zien?’ Hij vindt ‘m mooi, zegt ie. De schat.

Nu kan ik mijn schetsboek niet meer tevoorschijn halen of dochter roept al ‘Wil je mijn banaan zien’. Ik denk dat het tijd is om promotie naar de sinaasappels te maken. En die maar voor mezelf te houden.

De banaan hierboven is NIET mijn banaan.. Die van mij laat ik gewoon rustig in het schetsboek zitten. Dat lijkt me beter voor iedereen!